
De politiek waarde van vrijwilligerswerk
Is de Rotterdamse politiek gered door het vrijwilligescorps?
- Politiek en Overheid
- Opinie
De gemeenteraadsverkiezingen zijn achter de rug. Vrijwilligerswerk is een onorthodoxe vorm van (doe)democratie. Dit decennium (b)lijkt vrijwilligerswerk de basis – de ondergrens – te zijn waar de lokale democratie niet doorheen zakt. In Rotterdam kwam de politieke waarde van vrijwilligerswerk tot uiting, aldus Jan de Rond
In Rotterdam, de gemeente met al jaren de laagste opkomstcijfers, is dit voorjaar bij de lokale verkiezingen de politieke waarde van het vrijwilligerswerk gebleken. De omvang van het Rotterdamse vrijwilligerscorps (directe solidariteit) heeft gefunctioneerd als harde ondergrens voor de opkomst bij gemeenteraadsverkiezingen (indirecte solidariteit).
Op het dieptepunt is het verschil tussen de opkomst en het vrijwilligerswerk in Rotterdam slechts 0,1% (periode 2022-2026). De trendlijn van de opkomst daalt fors (20%), terwijl de lijn van de vrijwilligers stijgt en die van de opkomst nadert. Dit voorjaar komt de opkomst uit op 40,7% en daalt niet onder het percentage mensen dat vrijwilligerswerk doet, 39%. Voor het gemeentebestuur een hele opluchting.
’s-Hertogenbosch
In ’s-Hertogenbosch is een minder heftige maar vergelijkbare ontwikkeling waar te nemen. Het kleinste verschil tussen opkomst en vrijwilligerswerk is 6,5% geweest (periode 2012-2016). Als het percentage vrijwilligerswerk stijgt, neemt de opkomst bij lokale verkiezingen toe en omgekeerd. De opkomst schommelt rond de 50% terwijl het vrijwilligerswerk tussen de 30 en 40% beweegt. De trendlijn van de opkomst daalt ook hier, terwijl de trendlijn van vrijwilligers (fors) stijgt.
Nederland
De gemiddelde waarden van Nederland geven eenzelfde beeld als in Rotterdam en ’s-Hertogenbosch. De opkomstcijfers bewegen tussen de 50 en 60%. Het vrijwilligerswerk schommelt tussen de 40 en 50%. De trendlijn van de opkomst is ook hier dalend terwijl die van de vrijwilligers stijgt.
In de drie peilingen – Rotterdam, ‘s-Hertogenbosch en Nederland – laten de trendlijnen eenzelfde beeld zien. De trendlijn van de opkomst daalt, die van de vrijwilligers stijgt. In Rotterdam doorbreekt de grafieklijn van de opkomst net niet die van de vrijwilligers.
Gemeenschapsleven
De legitimiteit en stabiliteit van het politiek systeem (b)lijkt te staan of vallen bij de mate waarin mensen deelnemen aan het lokale politieke systeem (indirecte solidariteit) en het gemeenschapsleven (directe solidariteit). De dalende belangstelling voor de parlementaire democratie weerspiegelt zich niet in het gemeenschapsleven.
Mensen zetten zich met tijd (vrijwilligerswerk) geld en goederen (donaties) op verschillende wijzen in voor de gemeenschap: in lijn met overheidsbeleid; aanvullend op overheidsbeleid omdat overheid niet kan of wil; uit onvrede tegengesteld aan overheidsbeleid. Onvrede kan leiden tot passiviteit maar ook tot inzet en verzet (vrijwilligerswerk).
Vrijwilligers spelen een grote rol bij het versterken van de relatie tussen inwoners en lokale overheid. Vrijwilligers bevorderen beter bestuur, stimuleren stabiliteit en ontmoeting én bouwen aan de samenlevingen. Een impuls die we in de onrustige 21ste eeuw goed kunnen gebruiken
Groei
In ’s-Hertogenbosch is deze eeuw een opmerkelijke groei van het lokale gemeenschapsleven te zien. In het eerste kwart van deze eeuw (2000-2024) zien ruim 650 nieuwe organisaties het levenslicht. In de sectoren natuur en milieu (48%), internationale hulp/solidariteit (43%) en maatschappelijke & sociale doelen (42%) vindt procentueel de grootste innovatie plaats door het oprichten van nieuwe organisaties. Dit zijn ook de vraagstukken waar de maatschappij voor gesteld staat en waarin keuzes gemaakt moeten maken: klimaat, migratie en sociale ongelijkheid. Thema’s waar vrijwilligers zich aanvullend en/of vooruitlopend op overheidsbeleid inzetten.
Alle reden om de vrijwilligers en het lokale gemeenschapsleven (maatschappelijk initiatief) in het ‘Internationaal Jaar van de Vrijwilliger 2026’ de (politieke) aandacht te geven die het verdient én om uit te zoeken of elders vergelijkbare ontwikkelingen gaande zijn.
Werkende mieren
Opiniepeilingen, talkshows, media en publieke opinie besteden veel en vaak, bijna dagelijks, aandacht aan de overheid en de wisselende opvattingen in de politiek. Ze hebben weinig tijd en aandacht voor het lokale gemeenschapsleven en de veranderingen die daar plaats vinden. Dit is begrijpelijk, mopperende olifanten (grote nationale organisaties) trekken de aandacht, werkende mieren (kleine lokale organisaties) zijn niet interessant.
Overheid en politiek reageren volgens Herman Tjeenk Willink, minister van Staat en voormalig vice-voorzitter Raad van State, traag en lopen standaard zo’n 10 jaar achter. Volgens hem geen gebrek maar een eigenschap. Daar moeten we blij mee zijn. Stel je voor dat de overheid zwabbert en met alle winden mee zou waaien.
Zwijgende meerderheid
Opiniemakers en opiniepeilingen zijn veelal gericht op overheid en politiek en geven als gevolg, eendachtig Tjeenk Willink, een belegen tijdgeest weer. Veel aandacht voor onvrede en passiviteit (negatief gedrag), weinig voor vrijwilligerswerk (positief gedrag). Wat gaande is bij gewone mensen, de zwijgende meerderheid, komt weinig in beeld. Overigens is ‘de zwijgende meerderheid’ een belegen begrip. Ruim tachtig procent van de huishoudens is maatschappelijk actief en investeert in de samenleving door geld, goederen en/of tijd te geven. Om met Johan Cruijff te spreken: ‘Je ziet het pas als je het doorhebt.’
Vertrouwen
Media besteden rondom verkiezingen veel tijd en aandacht aan het vertrouwen van kiezers in de politiek. Begrijpelijk gezien de dalende opkomstcijfers. De vraag kan en mag gesteld worden hoe het staat met het vertrouwen van politieke ambtsdragers in de inwoners. Het aantal voorlichters in publieke dienst groeit als kool. Politici schermen zich in toenemende mate af. Tegenspraak staat onder druk. In de politieke arena wordt vooral gezonden, weinig geluisterd. Dit bevordert het vertrouwen niet. De oplossing ligt voor de hand. Immers, vertrouwen is een relationele kwestie, een tweerichtingsweg, en vraagt om luisteren. Om vertrouwen te krijgen moet je vertrouwen geven.
Over de markt en de overheid is veel onderzocht en bekend, veel minder over het vrijwilligerswerk en gemeenschapsleven. Daar komt bij dat onderzoekers naar het vrijwilligerswerk verschillende definities, onderzoeksmethoden en meetsystemen gebruiken. Het resultaat: verwarring, resultaten die moeilijk te vergelijken zijn en conclusies die nauwelijks tot de verbeelding spreken. Harmoniseer het onderzoek naar het vrijwilligerswerk en lokale gemeenschapsleven. Immers, als je het niet (goed) telt, telt het niet.
Jan de Rond is onderzoeker, promotor van lokale goede doelen en BEO Lokale Goededoelengids NL – www.janderond.nl
Met dank aan Lucas Meijs voor de inspirerende gesprekken, suggesties en feedback. Meijs is hoogleraar vrijwilligerswerk en strategische filantropie aan de Rotterdam School of Management, Erasmus Universiteit.
Abonneer je op ons gratis Journaal:
Gerelateerde artikelen
- Filantropie
- Interview
Toegenomen druk op maatschappelijke organisaties baart aanzienlijke zorgen
- Bert Koopman
