
‘Ware wonderdieren’
Boeksignalement: De eerste vrouwen in de Nederlandse politiek (1917 - 1927)
- Politiek en Overheid
- Profiel
Na de gemeenteraadsverkiezingen van vorige maand bleek ruim een derde (36,9%) van de verkozen raadsleden vrouw. De gemeenteraadsverkiezingen van 2022 lieten een soortgelijk beeld zien. Historica Margit van der Steen maakt in een opmerkelijk boek zien welke moedige strijd hieraan sinds het begin van de 20ste eeuw vooraf is gegaan. Een interessante geschiedenis ook voor de filantropiesector die wordt gedomineerd door vrouwen.
Hoe zat het ook alweer? De grondwetsherziening van 1917 zorgde voor de invoering van algemeen kiesrecht. Voor vrouwen gold aanvankelijk het passieve kiesrecht: hun stemrecht nog moest worden vastgelegd in de Kieswet. Een wijziging daarvan in 1919 gaf vanaf 1920 ook vrouwen het kiesrecht. Opmerkelijk: veel vrouwen die politiek actief werden, waren gehuwd en juridisch gezien ‘handelingsonbekwaam’. Pas in 1956 (!) kwam daar verandering in.
Het boek van Van der Steen maakt duidelijk dat veel vrouwen zich al vroeg interesseerden voor de politiek. De ene groep kwam voort uit de vrouwenkiesrechtbeweging. Zij maakten zich al decennia sterk om wetten en regels te veranderen zodat ook vrouwen konden stemmen. De andere groep bestond uit sociaaldemocratische vrouwen die gespitst waren op het verbeteren van de erbarmelijke leefomstandigheden van de armste Nederlanders.
Een snufje nieuwigheid
Een journalist omschreef de eerste vrouwen in de gemeenteraad van Bussum als ‘ware wonderdieren’ die voor ‘een snufje nieuwigheid’ zouden zorgen. Maar die eerste vrouwen moesten zich invechten en zich staande zien te houden. Ze waren ‘uncomfortable intruders in a male univers’, aldus citeert Van der Steen een studie van de politicologen Dahlerup en Leyenaar over het breken van de mannelijke dominantie in oude democratieën.
Van der Steen illustreert deze uphill battle met kleurrijke details. De eerste vrouw in de Eerste kamer – Carry Pothuis-Smit (1872 – 1951), sociaaldemocraat en voorvechter van vrouwenbelangen –werd uitgemaakt voor ‘rode kakelkip’ en kreeg niet eens een hand van haar mede-senatoren. En wat te denken van een vrouwelijke volksvertegenwoordiger op campagne voor de gemeenteraadsverkiezingen. Zij werd met modder bekogeld.
Springplank
Stelde het passieve vrouwenkiesrecht uit 1917 nu wel of niet iets voor? Dat is de vraag Van der Steen in haar boek centraal stelt. Door veel oog te hebben voor het lokale niveau – de gemeenteraad als springplank voor vrouwen met politieke ambities – schetste ze een nieuw en meer gelaagd beeld van de periode 1915 – 1927. Het lukte haar in deze studie wonderwel om vele onbekende volksvertegenwoordigers uit de vergetelheid te halen.
In het tijdvak 1917 – 1923 toonden ten minste 295 vrouwen belangstelling voor een politieke functie. Van hen werden er in elk geval 119 gekozen. Eén vrouw in de Eerste Kamer, twee in de Tweede Kamer, zestien in de Provinciale Staten en 109 in de gemeenteraden. Omdat negen vrouwen dubbelfuncties bekleedden, leverde dat een totaal op van 119 vrouwelijke volksvertegenwoordigers die als de eerste generatie vrouwelijke politici kunnen worden aangeduid. Nadat vrouwen in 1919 ook zelf konden stemmen namen deze aantallen toe.
Verruiming politieke agenda
Er kwamen nieuwe thema’s op de politieke agenda. Vrouwelijke politici gaven naast onderwijs veel aandacht aan gezondheid, zorg voor moeders en kinderen alsook huisvesting. En daarnaast aan gelijke rechten, betere inkomens, armoedebestrijding, drankbestrijding en antimilitarisme. Daarnaast hadden vrouwen een eigen kijk op politieke aangelegenheden. Van der Steen vat hun werkwijze samen als empathisch en praktisch.
Van der Steens oog voor de lokale politiek leverde enkele nieuwe inzichten op zoals de wisselwerking tussen het lokale en het landelijke niveau, niet alleen qua loopbaanontwikkeling maar ook in de ontwikkeling van beleid. Ogenschijnlijk onbeduidende praktische kwesties die vrouwelijke raadsleden naar voren brachten, raakten soms aan principiële politieke vraagstukken.
Emancipatie
Historica Van der Steen, verbonden aan het Huygens Instituut en aan kennisinstituut Atria, promoveerde in 2011 in Leiden op een biografie van Hilda Verwey Jonker getiteld Drift en koers. De levens van Hilda Verwey Jonker (1908 – 2004). Verwey Jonker had een scherp oog voor maatschappelijke trends en liep regelmatig voor de troepen uit. Emancipatie vormde een rode draad in haar bestaan.
Over emancipatie gesproken: in ‘Ware wonderdieren’ worden de hoofdstukken afgewisseld met levendige profielen van vrouwelijke pioniers in de politiek. Zoals de onverschrokken sociaaldemocraat Antsje Timmerman-Lenstra (1883 – 1946) of Mathilde Cohen Tervaert-Israëls (1864 – 1945), feminist in de Provinciale Staten. Het boek bevat veel fraaie portretfoto’s. Van der Steen schreef een interessante studie, een boek waarin veel meer over het voetlicht wordt gebracht dan hier gesuggereerd kan worden.
Zakelijke informatie:
Margit van der Steen, ‘Ware wonderdieren.’ De eerste vrouwen in de Nederlandse politiek (1917 – 1927), uitgeverij Boom, 302 pp, € 29,90.
https://www.boom.nl/geschiedenis/100-20092_ware-wonderdieren
Abonneer je op ons gratis Journaal:
Gerelateerde artikelen
- Filantropie
- Interview
Toegenomen druk op maatschappelijke organisaties baart aanzienlijke zorgen
- Bert Koopman
- (Social) impact
- Interview
Oxford epicentrum voor strategische toekomstagenda non-profitsector
- Bert Koopman
