Foto Aïcha Chaghouani
Aïcha Chaghouani - Foto: Polina Georgescu

'Maatschappelijk middenveld cruciale factor tegen erosie democratie'

Door: Suzette de Boer
12-03-2026
  • Politiek en Overheid
  • Verslag

De ruimte voor het maatschappelijke middenveld neemt verder af, blijkt uit een nieuw rapport van het Nederlands Helsinki Comité dat recent werd gepresenteerd tijdens een bijeenkomst in het Haagse Nutshuis. Kritische maatschappelijke organisaties staan in het politieke debat onder druk, terwijl ze volgens de onderzoekers juist een essentieel onderdeel vormen van de democratische weerbaarheid.

Het verharde politieke debat en het toenemend aantal repressieve wetsvoorstellen en moties die oproepen om rechten in te perken, dragen bij aan een krimpende ruimte voor het maatschappelijke middenveld. Dat zeiAïcha Chaghouani van het Nederlands Helsinki Comité (NHC) bij de presentatie op 24 februari van het rapport Monitoring Action for Civic Space over Nederland, dat zij samen met Nathalie Heidema schreef.


De lijst met voorbeelden die Chaghouani noemde is lang: parlementaire moties die oproepen tot het intrekken van de ANBI-status of het beperken van de financiering van maatschappelijke organisaties, de door de Tweede Kamer aangenomen Wet transparantie en tegengaan ondermijning door maatschappelijke organisaties (Wtmo) - zie kader - , de voorgestelde inperkingen van het demonstratierecht in het nieuwe regeerakkoord, de inperking van financiering voor pleitbezorging en de toenemende intimidatie van onder meer journalisten en maatschappelijke organisaties.

Krimpende ruimte

Het nieuwe rapport van het NHC staat niet op zichzelf. In 2024 paste Civicus de score voor maatschappelijke ruimte in Nederland aan van ‘open’ naar ‘versmald’. In 2025 concludeerde het College voor de Rechten van de Mens in zijn jaarlijkse rapportage dat de civic space in Nederland krimpt. Uit een verkenning van het Verwey-Jonker Instituut in opdracht van het College blijkt dat 86% van de ondervraagde maatschappelijke organisaties vindt dat de situatie voor het maatschappelijk middenveld de afgelopen twee jaar is verslechterd.

Het landenrapport van het NHC maakt deel uit van een op de EU-context gerichte aanpak om democratische erosie vroegtijdig te signaleren. Negen Europese maatschappelijke organisaties ontwikkelden daarvoor een monitoringsinstrument; de zogenoemde MACS-methodologie. De ambitie is dat deze pilot in zeven landen onderdeel gaat uitmaken van EU-brede monitoring.

‘De krimpende ruimte voor de civil society is geen geïsoleerd fenomeen’, concludeerde Chaghouani, ‘maar maakt deel uit van bredere democratische erosie. Als je de democratische rechtsstaat weerbaarder wilt maken, dan moet je ook het maatschappelijk middenveld versterken.’ In het rapportpleit NHC voor een nationaal actieplan met maatregelen om rechtsbescherming, inspraak, toegang tot financiering en juridische waarborgen voor maatschappelijke organisaties te versterken. Ook doet het zeven beleidsaanbevelingen aan de overheid.

Keynote spreker Sarah de Lange in actie

Normvervaging

Keynote spreker Sarah de Lange, hoogleraar Nederlandse Politiek aan de Universiteit Leiden, noemde het rapport van onschatbare waarde. ‘Het laat zeer systematisch en gedetailleerd zien hoe de ruimte voor het maatschappelijk middenveld in Nederland krimpt en welke maatregelen in de pijplijn zitten waardoor die nog verder kan afnemen.’ Tegelijkertijd gaf ze aan dat volgens de literatuur normvervaging op de lange termijn vaak meer impact heeft dan maatregelen zelf. Wanneer gevestigde partijen met uiterst rechts samenwerken, worden hun standpunten geaccommodeerd en neemt het stigma om op hen te stemmen af. Daardoor worden deze partijen succesvoller en verandert ook hoe gevestigde partijen zich opstellen tegenover de democratische rechtsstaat.

Wereldwijd staat de democratische rechtsstaat onder druk, zo blijkt uit het V-DEM Democracy Report 2025. Inmiddelsleeft bijna driekwart van de wereldbevolking in autocratieën. De grootste achteruitgang is internationaal zichtbaar in burgerlijke vrijheden, met name in de vrijheid van vereniging, de vrijheid van demonstratie en de vrijheid van meningsuiting. De Lange: ‘En dat zijn precies de terreinen waarop het MACS-landenrapport negatieve ontwikkelingen in Nederland identificeert.’

'Rule of law from below'

Het maatschappelijk middenveld zorgt onder meer voor de mobilisatie van burgers rond uiteenlopende thema’s, innovatie en sociale cohesie in de samenleving. Maar er is volgens De Lange nog een andere belangrijke rol; die van tegenmacht. ‘In de politieke literatuur wordt dit ook wel the rule of law from below genoemd; organisaties die bottom-up proberen de staat binnen de bandbreedte van de democratische rechtsstaat te houden. Op alle inhoudelijke terreinen waarop zij actief zijn.’

Middenveld cruciaal

De Lange gaf Polen en Hongarije, twee landen waar sprake is van structurele democratische erosie, als voorbeeld om het belang van een sterk maatschappelijk middenveld duidelijk te maken. Doordat Polen van oudsher een sterk maatschappelijk middenveld kent, wat onder meer bleek uit de rol van vakbond Solidarnosc in de communistische tijd, was de samenleving beter in staat om tegenkracht te bieden aan democratische erosie door uiterst rechtse partijen. Hongarije heeft historisch gezien altijd een zwakker maatschappelijk middenveld gehad. Hierdoor was het voor Orbán eenvoudiger om ingrijpende maatregelen door te voeren, zonder dat er brede mobilisatie en weerstand ontstond tegen het regime. ‘Studies naar de ontwikkelingen in Polen en Hongarije tonen aan dat kracht van het maatschappelijk middenveld een cruciale factor is.’

Het panel: tweede van links Margreet Plug, vierde van links Joost Sneller

Voorzorgsbeginsel

Joost Sneller, Tweede Kamerlid van D66 en tijdens de paneldiscussie aangekondigd als ‘de man achter Project 2026’ - een hervormingsagenda om de democratische rechtsstaat te versterken - zet zich al jarenlang in voor het vergroten van de weerbaarheid van de Nederlandse democratie. Hij volgt ook de ontwikkelingen in Polen en ziet hoe moeilijk het voor premier Tusk is om de politieke beïnvloeding van de rechterlijke macht daar terug te draaien. Sneller: ‘Juist daarom is het voorzorgsbeginsel zo belangrijk; welke institutionele waarborgen moeten we nu treffen om dit soort zaken te voorkomen?’ Eerder was er in de Nederlandse politiek weinig aandacht voor dit onderwerp, maar mede door de ontwikkelingen in de Verenigde Staten is dat nu wel veranderd.

Wet transparantie en tegengaan ondermijning door maatschappelijke organisaties (Wtmo)

De Wtmo, die op 17 maart voorligt in de Eerste Kamer, werd door de deskundigen in het panel genoemd als exemplarisch voor de krimpende ruimte voor maatschappelijke organisaties.

Volgens Margreet Plug, directeur van Goede Doelen Nederland, komt bij de Wtmo een aantal zaken samen. Zo kwam de term ‘ondermijning’ aanvankelijk niet in het wetsvoorstel voor, maar werd er later aan toegevoegd. Verder bracht de Raad van State al twee keer een negatief advies uit, maar daar werd geen gehoor aan gegeven. De Wtmo bevat bovendien onduidelijke begrippen, zoals het woord ‘ondermijning’, die leiden tot rechtsonzekerheid bij goede doelen.
Volgens de Wtmo moeten maatschappelijke organisaties donateursgegevens bewaren, die burgemeesters kunnen opvragen wanneer zij van mening zijn dat de openbare orde in gevaar is. Het Genootschap van Burgemeesters en de VNG hebben echter aangegeven dat deze bevoegdheid niet past bij hun openbare-ordetaak. Plug: ‘De wet is bedoeld om ongewenste buitenlandse beïnvloeding via geldstromen tegen te gaan, maar de overheid zou eerst moeten nagaan welke instrumenten al beschikbaar zijn binnen de bestaande wetgeving.’

Joost Sneller, Tweede Kamerlid van D66, gaf aan dat er sprake is van een legitiem probleem; ondermijning vanuit onvrije landen. Hij benadrukte dat er amendementen zijn aangenomen om tegemoet te komen aan zorgen vanuit de sector. D66 stemde vorig jaar in de Tweede Kamer nog voor de Wtmo, maar Sneller wees wel op de veranderde politieke context van de afgelopen tijd: ‘Als er ministers en Kamermeerderheden zijn die zeggen “en nu is XR een organisatie die we moeten onderzoeken of nu is het Antifa”, dan is het geen instrument dat zonder meer toevertrouwd kan worden aan de uitvoerende macht.’

De Lange wees ook op de veranderende context. Volgens haar is de essentie van de rechtsstaat uiteindelijk dat er altijd het risico bestaat dat een parlement en regering grensoverschrijdend kunnen handelen. Dat moet bij wetgeving die vrijheden aantast altijd worden meegewogen. Ze vindt dat bij de Wtmo ingewikkeld: ‘Zelf heb ik natuurlijk ook heel veel zorgen over ondermijning, zeker omdat de Verenigde Staten nu, als onderdeel van hun National Security Strategy, actief uiterst rechtse organisaties in Europa gaan ondersteunen. Dat is heel zorgelijk, maar toch heb ik nog steeds twijfels bij de Wtmo zoals die nu in elkaar zit.’

Ook in de Eerste Kamer zijn er twijfels over de Wtmo. Het is allerminst zeker dat er op 17 maart, als het wetsvoorstel behandeld wordt in de Senaat, een meerderheid zal zijn voor invoering van de wet.



Share

Abonneer je op ons gratis Journaal:

Gerelateerde artikelen